Bij bezoek van deze site
worden op uw computer
GEEN COOKIES geplaatst
Gerommel met additieven
Wijn is een voedingsmiddel waarvoor wet-
Dat laatste aspect betreft toegestane werkwijzen (waar wijn mag worden aangesuikerd voor de fermentatie, waar aangezuurd) en additieven. Wat niet is toegestaan, is verboden. Tenzij bevoegde lokale autoriteiten ontheffing van een verbod geven. Lokale autoriteiten zijn ook bevoegd om bepaalde druivenrassen toe te staan, een bepaalde plantdichtheid (aantal planten per hectare) of om maximale opbrengsten per hectare te verordonneren.
Deze regelgeving geldt voor alle wijn, die “in het maatschappelijk verkeer” wordt
gebracht, zoals via verkoop. Hobby-
Dat zoveel hobby-
Hieronder staan vijf voorbeelden van veel gebruikte en vaak overbodige
additieven.
Enzymen
Voor een goede sapopbrengst uit druiven is het nodig dat de druivenbessen
worden gekneusd en geperst en dat celwandmateriaal wordt afgebroken. Bij dat laatste
helpen enzymen. Die zitten van nature al in de schillen van druiven, maar bij het
maken van witte wijn vindt het persen vrij snel na het kneuzen plaats, zodat de enzymen
niet de kans krijgen om hun werk te doen. Dan is toevoeging van snelwerkende enzymen
niet verplicht, maar meestal wel zinvol. Tenzij je de hele trossen perst en genoegen
neemt met minder sapopbrengst. Het restmateriaal is overigens prima bruikbaar bij
het maken van rode wijn, waardoor complexiteit en aromaprofiel van de rode wijn meestal
verbeterd wordt.
Bij maken van rode wijn geldt een ander verhaal. De schillen zitten
zo lang in de gistende pulp (al gauw langer dan twee weken, liefst meer), dat de
van nature aanwezige enzymen ruimschoots de tijd krijgen om hun werk te doen. Extra
enzymen zijn dan niet nodig.
Mostgelatine
In most en pulp zitten stoffen (onder andere tannines, die ook andere
functies hebben), waardoor een wijn een bittertje meekrijgt. Je houdt ervan of niet,
maar met name bij witte wijn vinden veel mensen dat storend. Tannines worden door
eiwitten gebonden en veel wijnmakers voegen dan ook vóór de gisting mostgelatine
toe (eiwit uit botten van varkens en runderen) om die tannines weg te nemen.
Los van de kwestie of je dierlijk materiaal wilt gebruiken bij wijn maken, is dat
om meerdere redenen onnodig en ongewenst.
Om te beginnen werken ze nauwelijks, blijkt
uit onderzoek. En daarnaast worden aan de wijn eiwitten toegevoegd. Daarvan wil je
echter niet teveel in je wijn hebben. Want ze kunnen een waas geven en moeten er
dan weer met andere middeltjes worden uitgehaald (zie bentoniet, hieronder). Het
houdt je van de straat, dat dan weer wel.
Maar die bitters, hoe krijg je die er dan uit? Om te beginnen: Wie op het juiste
moment oogst, zal er weinig last van hebben, tenzij een druivenras een bittertje
van zichzelf meebrengt, zoals Johanniter.
Of doordat tijdens de gisting barnsteenzuur
is gevormd. Dat krijg je er met eiwitten sowieso niet uit en heeft alleen tijd nodig
om te reageren met alcohol; wat mooie aroma’s oplevert.
Maar het belangrijkst: Bitterstoffen zijn gevoelig voor oxidatie. Op allerlei momenten
komt zuurstof bij de gistende wijn. Soms ongelegen, soms gelegen, zoals bij het begin
van de gisting. Bij bottelen kan witte wijn nog een bittertje hebben, dat na een
half jaar flesrust meestal verdwenen is. Door het beetje zuurstof dat met het bottelen
is meegekomen.
Maar ja, we hebben haast, want iedereen moet zo snel mogelijk proeven
wat voor moois we hebben gemaakt, of het spul moet snel verkocht worden. En dat terwijl
hobby-
Middeltjes voor betere kleurextractie
Ja, dat willen we allemaal: Mooie diepgekleurde
rode wijn. Maar is dat terecht? En is het nodig allerlei middeltjes te gebruiken
om dat te bereiken?
Elke liefhebber van rode Bourgogne weet, dat de diepte van de
kleur niet bepalend is voor de aroma’s en de smaak van rode wijn. Ook niet voor de
prijs, trouwens. Weliswaar doen Bourgondische wijnboeren er van alles aan om uit
het dunne Pinot Noirschilletje zoveel mogelijk kleur te halen, maar het eindresultaat
bewijst dat het niet waar is dat een rode wijn beter is, naarmate die donkerder is.
En dan nog. Bijna alle schimmeltolerante druiven, die wijnmakers in onze contreien gebruiken, hebben vergeleken met de meeste klassieke druivenrassen minder tannines en een overmaat aan anthocyanen (kleurstoffen). Extra kleurextractie is dus helemaal niet nodig! Als u op uw handen gaat zitten, wordt uw rode wijn vanzelf donker genoeg. Aangenomen dat u de schillen minstens twee weken in de pulp laat voordat u gaat persen en in die tijd regelmatig de hoed onderdompelt.
Bentoniet
Nee, we gaan hier niet lacherig doen over het feit, dat bentoniet ook gebruikt
wordt in rioolzuiveringsinstallaties. Maar feit is, dat het in de wijnmakerij veel
gebruikt wordt om eiwitten uit wijn te verwijderen. Vóór, tijdens en na de fermentatie.
De wijn wordt er ook sneller helder door, hoewel de eiwitverwijderende functie het
belangrijkst is.
Bentoniet heeft echter als nadeel, dat het ook iets van de kleur
en aroma’s wegneemt. Niet veel, maar toch. Als je dus niet teveel eiwitten aan je
wijn hebt toegevoegd (zie mostgelatine), kun je beter geen bentoniet gebruiken. En
als je het al gebruikt, dan tijdens de gisting, vanaf halverwege, zo leert onderzoek.
Er is één uitzondering. Sommige mensen hebben last van een histamine-
Wie wijn wil maken met een minimum aan histamines, gebruikt
bentoniet en wel tijdens de gisting.
Niet in de gebruikelijke hoeveelheden, maar veel
minder: Hooguit 0,5 -
Klaringsmiddelen
Rode wijn wordt vanzelf helder. Witte meestal ook, zeker als u de
tijd neemt. Voor hardnekkige gevallen, en ook alleen dán, kunt u een gelatine/kiezelsol
klaring toepassen. Wie geen dierlijke eiwitten wil gebruiken, neemt in plaats van
gelatine de eiwitten van erwten (bijvoorbeeld Floraclair van Erbslöh). En kiezelzuur
is ook los te koop.
Wist u trouwens, dat gebruik van bentoniet tijdens de gisting (1,5 g/L) van witte wijn het gebruik van bentoniet na de gisting overbodig maakt?
Wel aanbevolen
Aan sommige toevoegingen ontkom je niet. Zo is toevoeging van een gist-
Ook gistvoeding is nuttig en nodig. Meestal hebben onze
druiven van nature te weinig gistvoeding om de fermentatie tot een goed einde te
brengen. Dan is wat bijvoeren nuttig, maar alleen als je de geur van rotte eieren
(H
Tot slot
Heel vaak zijn additieven dus niet nodig. Ze helpen vooral om de processen
te versnellen en commercieel kan dat van pas komen. Maar niet om de kwaliteit te
verbeteren. Al is het wel handig om sommige ervan achter de hand te houden. Voor-
Het
is in ieder geval onverstandig om additieven standaard of klakkeloos te gebruiken,
omdat u dat ooit zo geleerd of gelezen heeft. Of omdat de verkopende partij het nodig
vindt dit op de verpakking te zetten. De ene most is de andere niet en het ene oogstjaar
is het andere niet.
De belangrijkste additieven bij wijn maken zijn BEGRIP en GEDULD.